Channelen - het doorgeven van gidsen, engelen, meesters of overleden zielen - is niet iets wat in onze huidige cultuur gemeengoed is. Onze cultuur is voornamelijk gebaseerd op de ratio, het verstand en de wetenschap. Toch is channeling iets dat door de eeuwen heen, in alle culturen voorkomt. De apostelen spraken in tongen. Medicijnmannen en sjamanen spreken met de ‘Great spirit’. Orakels in de Griekse en Romeinse tijd gaven inzichten en voorspellingen aan hen die ze raadpleegden. Profeten kregen visioenen of boodschappen van God. Sommige mystici schreven hele boekwerken of evangelieën met doorgegeven boodschappen.
Mijn eigen verhaal begon toen ik 18 jaar oud was. Ik stond te liften in Frankrijk, had al drie uur geen lift gekregen en viel onder een boom in slaap. Toen ik wakker werd en wilde opstaan, hoorde ik ‘de stem’: Where are you going? Was ik dit? Wie sprak hier? Niet ik, en toch was er niemand anders. Hoor ik stemmen? Wie spreekt hier? Vroeg ik. ‘I am you and you are Me, so we are One as you can see.’ Een nogal raadselachtige antwoord, waar ik niet veel mee kon.
Om een lang verhaal kort te gaan, het duurde me meer dan vijf jaar van wantrouwen en testen, vallen en opstaan, om uiteindelijk te accepteren dat ik niet gek was of moest worden opgesloten achter tralies. In die jaren werd ik voornamelijk getraind door de meesters van de ‘andere kant’ om te luisteren, geloof op te bouwen en te vertrouwen in wat er gezegd werd. Ik had een vaste meester die me inwijdde in die tijd. Af en toe waren er gastdocenten.
Na een tiental jaren werd er gevraagd of de meesters ook via mijn mond mochten spreken; een volgende stap in het channelen. Tot dan toe had ik het voornamelijk voor mezelf gehouden. Ik wilde echter niet, zoals ik wel eens had gezien, buiten bewustzijn raken en dan niet meer weten wat ik had gezegd. Ik wilde in vol bewsutzijn channelen. Dat kon, zeiden de meesters, maar dat duurde twee jaar langer. Ik moest namelijk passief luisteren en tegelijkertijd spreken, zonder dat ik daar met mijn eigen gedachten tussenin ging zitten of commentaar ging leveren. Een hele opgave. Na twaalf jaar was ik volleerd channel; ik kreeg de toestemming van de meesters om ten alle tijde contact op te nemen. Ik was zogezegd continu online...
Tegenwoordig gebruik ik het channelen in coaching-gesprekken, tijdens lezingen of workshops, op reizen of tijdens het schrijven van boeken. Het is geweldig om te ervaren dat de kennis die doorkomt vaak een hoge mate van wijsheid, humor en compassie bevat. Er wordt nooit iets opgelegd. Eerste stelregel ten aanzien van channeling is dat mensen, inclusief mezelf, altijd hun vrije keus en eigen autoriteit dienen te behouden. Er is geen ‘hoger’ of een absolute kennis waar je blindelings op kan vertrouwen. Je hebt nog steeds je eigen weg te gaan en de verantwoording te dragen voor je eigen keuzes.
Toch kan een channeling een handige manier zijn om meer inzicht te krijgen in een situatie, een probleem of een levensvraag die om verheldering vraagt.
Op deze site staan alle channelingen gerubriceerd naar wereldeel, land en reis die ik in de afgelopen 20 jaar heb gemaakt. Tijdens de reizen werd inzicht gegeven in de materie, de oude kennis of de situatie van een bepaalde cultuur of land. Veel esoterische kennis werd daardoor toegankelijk. Deze channelingen zijn de uitgangspunten geweest voor de boeken die ik heb geschreven. Overname is toegestaan, met vermelding graag.
Dit is wat mijn gidsen zelf zeggen over channeling, tijdens een ontbijt in Bali:
We vinden het fijn om aan dit genoegelijke ontbijt aanwezig te mogen zijn en te spreken en inzicht te geven vanuit ons perspectief, omdat dat voor ons ook zo prettig is om onze kennis te mogen delen en door te geven als het ware door een doorgeefluik. Wij zijn namelijk niet in jullie bewustzijnslaag fysiek aanwezig, maar wel energetisch aanwezig. Je kunt dus ook, op ieder moment ons om hulp vragen, of om advies, of om inzichten. Wij zijn altijd zeer bereid dat te geven, omdat iedere stap die jullie maken, voor ons ook verlichting betekent.
Wij spreken uiteraard ook in taal en in woorden, net zoals jullie. Er is niet zo heel veel verschil. Wij zitten eigenlijk net aan de andere kant van het sluier en op het moment dat we spreken – door Ton in dit geval – dan maken we gebruik van zijn hele softwaresysteem zou je kunnen zeggen. Zowel zijn fysieke systeem : zijn mond en tong, zijn hersenen om zinnen te fabriceren als ook zijn kennis over taal en geschiedenis en alles wat hij bestudeert. Het is een prettige samenwerking om dit zo te doen, zo te mogen doen. Het is belangrijk om te weten dat je eigenlijk als persoon, als personage niet alleen staat. Je bent onderdeel van een groter geheel. Letterlijk. Je denkt zo vaak dat je alles alleen op moet lossen, zoals deze persoon dat ook heeft, maar uiteindelijk werk je binnen een groter geheel, wat je de Overziel zou kunnen noemen.
De Overziel bestaat uit verschillende personages en lagen van bewustzijn. De mens is daar de meest verdichte laag daarvan, die doordat hij het meest gematerialiseerd is, een individueel bewustzijn heeft. Individueel in de zin afgescheiden van de andere lagen en ook daarmee afgescheiden van het Goddelijke. Althans zo ervaren jullie dat meestal. In wezen is dat niet zo. In wezen ben je altijd onderdeel van het hele systeem. Dit is dan ook wat jullie, zeg maar, de zondeval noemen. Het afgescheiden zijn van God. En dat geeft je ook de grootste pijn en verdriet, omdat je niet meer snapt dat je al thuis bent, dat je al opgenomen bent in het Goddelijke. Je hebt het gevoel dat je een lange weg af moet leggen om weer thuis te komen, terwijl dat in wezen niet zo is. Er is geen thuiskomen als je al thuis bent.