Een archetypisch perspectief
op the Lord of the Rings
door Ton van der Kroon
Vele mensen zijn gegrepen door de mythische avonturen van Frodo en zijn metgezellen. Ze zijn betoverd door het verhaal. Maar het lijkt erop dat de verhalen die we schrijven en zien in de bioscoop steeds meer gaan samenvallen met de realiteit. Mythologische realiteit en dagelijkse werkelijkheid lijken steeds vaker onontwarbaar verstrengeld te raken. Zo lijkt het soms alsof de westerse wereld Tolkien -achtige trekjes begint te krijgen. De Verenigde Staten, Engeland en andere westerse machten trokken onlangs op naar Irak, dat geografisch gezien verdacht veel op de plek lijkt waar Mordor ligt in Middenaarde. Irak klinkt als Uruk-hai of Orks, de donkere, fanatieke wilden uit het verhaal, om maar niet te spreken over de fanatieke, oorlogszuchtige taal die ze spreken. Zijn de islamitische landen onze vijand, de gordel van het kwaad? Of is het zo dat wij als blanke westerlingen dat plaatje op hun plakken; ‘zij zijn de slechteriken en wij zijn de goeden.’ Hoogstwaarschijnlijk worden de islamieten in Irak en andere landen gegrepen door dezelfde mythologische strijd tussen goed en kwaad, maar in dit geval zijn wij de slechteriken en zij de goeden. In hun ogen is New York waarschijnlijk het Sodom en Gommorra van deze tijd en stonden de Twin Towers voor de twee torens van de vijand van Mordor.
“Mission accomplished’ zei Bush toen Bagdad was ingenomen. Maar is dat zo? Of heeft hij, begerig als hij was naar macht, ‘de ring’ gebruikt om de vijand te vernietigen en het bondgenootschap van de VN verraden, zoals Boromir het bondgenootschap van de ring verraadde? Als dat zo is dan is de strijd nog lang niet over. Want, wie de ring gebruikt, al is hij nog zo nobel, zal erdoor worden verteerd. Zijn macht zal groeien en groeien, maar tegelijkertijd zal zijn angst en grootheidswaanzin bovenmenselijke proporties aannemen. Amerika lijkt hard op weg in de ban van de ring van de macht te raken.
Als we het verhaal van Tolkien echter als innerlijke realiteit opvatten, wat betekent dat dan? Wat is de ring en wat betekent het om de ring in de doemberg te gooien?
Archetypen
Het verhaal is qua thematiek een duidelijk mannelijk initiatieverhaal. In het verhaal van Lord of the Rings komen dan ook bijna geen vrouwen voor, op Galadriel en Eowyn na. Mannelijke initiatieverhalen vertellen over de inwijding van jongen naar man en gaan over de vaak zware taak die een man moet volbrengen om zijn ziel - en daarmee de wereld - te redden. Vele aspecten van de mannelijke psyche worden in Lord of the Rings verbeeld en maken hun eigen transformatieproces door. Ik heb ze gerubriceerd in zeven archetypen: de heilige, de magiër, de nar, de koning, de krijger, de minnaar en de wildeman.
De heilige
In Lord of the Rings wordt de rol van de heilige vertegenwoordigt door de wijze leiders van het elfenvolk, Elrond en Galadriel. Zij nemen niet deel aan de strijd, maar geven wijze raad en beïnvloeden vanaf hun hoge positie de loop van de geschiedenis. Ze staan in contact met de wetten van de kosmos en kennen de loop van de geschiedenis van Middenaarde. Ze dragen beiden een van de drie ringen voor de elvenkoningen: Galadriel draagt Nenya van het zilverglanzende mithril met de witte steen waarin de avondster Eärendil weerspiegelt. Elrond draagt Vilya, de machtigste ring met de blauwe steen van genezing en wijsheid.
De magiër
Het archetype van de magiër staat voor inzicht, visie en gedachtenkracht. In Lord of the Rings wordt de rol van de tovenaar vervuld door Gandalf. Hij lijkt op een van de meest bekende magiërs uit de westerse mythologie: de tovenaar Merlijn. Beiden treden op in een tijd waarin de wereld in gevaar is en overspoelt dreigt te worden door het kwaad. Gandalf draagt de derde elfenring Narva de Grote met de rode steen van kracht. Hij is de man van actie. Terwijl Elrond en Galadriel met hun gedachten de loop van de geschiedenis beïnvloeden en mensen naar hun toekomen om raad te krijgen, spoedt Gandalf zich door de wereld om daar te zijn waar het nodig is. Zijn tegenbeeld is Saruman, de zwarte magiër die gevallen is voor de macht van het kwaad. In de loop van het verhaal transformeert Gandalf van de grijze tot de witte tovenaar en neemt daarmee Saruman’s plaats in als leider van de raad van wijzen.
De nar
In Lord of the Rings zijn het de twee hobbits Merijn en Pepijn die de rol van de nar vervullen. Ze geven humor en plezier aan het verhaal. Narren lijken altijd kleine figuren te zijn: hun rol is wellicht klein, maar ze dienen de koning en vaak brengen ze op beslissende momenten redding, zoals Merijn en Pepijn aan het eind van de slag bij Helms Diep aankomen met Boombaard en zijn woudreuzen.
Grima Wormtongue vertolkt de rol van de schaduwnar. Hij fluistert met zijn boze en listige tong woorden van vergif in het oor van Theoden, koning van Rohan. Maar in essentie dient hij niet de koning, maar de valse magiër Saruman.
De koning
In Lord of the Rings zijn het Frodo en Aragorn die het koningsarchetype belichamen. Frodo staat symbool voor het hart, dat ondanks tegenslagen blijft geloven in de kracht van de liefde boven de macht van het kwaad. Door naar het centrum van het kwaad toe te gaan, Mordor, brengt hij licht in de duisternis, niet door de duisternis aan te vallen, maar door haar aan zichzelf terug te geven. Frodo is het prototype van de jonge en naïeve held. Hij is jong en onervaren en lijkt in eerste instantie de minst geschikte persoon om de queeste van de ring te volbrengen, en toch is het de naïeve kracht van zijn ziel die ervoor zorgt dat het avontuur tot een goed einde wordt gebracht.
Aragorn is de koning die na vele omzwervingen terugkeert naar Gondor om zijn troon in te nemen. Hij staat voor edelmoedigheid, dapperheid en rechtvaardigheid en verbeeld het wijze en volwassen aspect van de held. Hij is niet uit op roem of eer, maar volbrengt net als Frodo zijn taak in het grote geheel. Beiden stellen hun leven in dienst van het voortbestaan van het goede en vervullen daarmee de koningseed.
De negatieve kant van het archetype van de koning wordt verbeeldt door Sauron en de negen ringgeesten, die ooit koningen waren maar ten prooi vielen aan de macht van de ring. Ze zaaien dood en verderf, maar hebben geen eigen gezicht. Ze zijn de verpersoonlijking van angst en woede, energieën die geen eigen bestaanskracht hebben maar louter gedijen door de macht die ze over anderen hebben. De negen ringgeesten zijn de tegenpool van de negen leden van het reisgezelschap die op weg gaan om de macht van de ring te breken.
De krijger
De twee figuren die in Lord of the Rings het archetype van de krijger symboliseren zijn Legolas, de elf, en Gimli, de dwerg. Legolas stelt het hemelse voor en Gimli het aardse. Het zijn twee tegenpolen die in de loop van het verhaal de beste vrienden worden. Ze zijn onverzettelijk in hun strijd en trouw aan hun kameraden. Ze gaan tot het uiterste in de achtervolging om Merijn en Pepijn uit de handen van de orks te halen. Het wapen van Legolas is de boog, waarmee hij pijlen ver door de lucht kan schieten. Het wapen van Gimli is de bijl, waar vele orks door geveld worden.
De schaduwkant van de krijger wordt verbeeld door de orks en de Uruk’hai, gedrochten zonder eigen wil die volledig gehoorzaam zijn aan hun meester en er slechts op uit zijn om te doden. Hierin wordt het sterkst de macht van de ring zichtbaar; degenen die aan haar onderworpen zijn worden willoze instrumenten die geen eigen gezicht of identiteit meer hebben, terwijl zij die strijden tegen de macht van de ring een zeer uitgesproken eigenheid hebben.
De minnaar
Liefde speelt nauwelijks een rol in de Lord of the Rings en het archetype van de minnaar is dan ook moeilijk te vinden. Toch kunnen we haar enigszins ontwaren in de verre en afstandelijke liefde van Aragorn voor Arwen, en de in eerste instantie moeizame liefde tussen Faramir en Eowyn. Lord of the Rings is geen liefdesepos, maar een heldendicht dat draait om macht en strijd. De vrouw en de liefde voor haar speelt daarin nauwelijks een rol. Toch zullen we later zien dat het vrouwelijke wel degelijk een hele belangrijke rol inneemt, niet zozeer in de vorm van een personage, als wel in symbolische context.
In Gollem komen we iets van de schaduwkant van het archetype van de minnaar tegen. Hij is bezeten door zijn grote liefde: de ring, zijn ‘preciousss’. Het is zijn bezit, zijn lieveling die hij koste wat kost te pakken wil krijgen. Het is echter niet de ring van liefde, maar de ring van macht, die mensen tot een soort hysterische vorm van verliefdheid en bezitterigheid kan drijven.
De wildeman
De Wildeman komen we tegen in de vorm van de sjamaan, de mentor, de oude wijze. Hij is een ziener en een weter. Hij kan praten met de dieren en de bomen.
In Lord of the Rings wordt de rol van de Wildeman vertegenwoordigt door Tom Bombadil, de vrijbuiter in het oude Woud en door Treebeard, de wijze ent van Fangorn. Beiden zijn ouder dan de oudste creaturen in Middenaarde. Ze leven beiden in het woud en vertegenwoordigen de kennis van de natuur en van de oorsprong der dingen. Het dagelijkse, vluchtige leven heeft geen vat op ze en ze staan buiten de loop van de geschiedenis, tenzij de overleving van de wereld in het gedrang komt. Pas dan komen ze in actie.
De negatieve kant vorm van de wildeman wordt gevormd door de Balrog in Moria en de spin Shelob in de gangen van Cirith Ungol. Ze vertegenwoordigen de mannelijke en vrouwelijke duistere kant (denk aan het Engelse ‘She’).
Als we het verhaal van Lord of the Rings als innerlijk landschap van de psyche in kaart brengen komen we tot het volgende overzicht:
archetype Lord
of the Rings schaduwkant
De heilige Elrond, Galadriel .................
De Magiër Gandalf Saruman
De Nar Merijn, Pepijn Wormtong
De Koning Frodo, Aragorn Sauron, Nazgul
De Krijger Legolas, Gimli Orks, Uruk Hai
De Minnaar Faramir, Eowyn Gollem
De Wildeman Tom Bombadil, Boombaard Balrog, Shelob
Het macht van het vrouwelijke
Hoewel de wereld van Tolkien voornamelijk wordt bevolkt door mannen lijkt de mythe uiteindelijk toch te draaien om de macht van het vrouwelijke: de ring. Het is niet voor niets dat het belangrijkste machtsvoorwerp in het verhaal een ring is, geen zwaard of ander wapen. De ring symboliseert het vrouwelijke element; het is rond, heel en bindend en draagt een toverspreuk op de binnenzijde. In dit geval wordt het vrouwelijke als machtsmiddel gebruikt door Sauron; ‘One ring to rule them all, One ring to find them, One ring to bring them all and in the darkness bind them.’ Er lijkt nog een aanwijzing te zijn dat het thema draait om het vrouwelijke aspect. Het woord Mordor heeft enige verwantschap met het Engelse woord ‘mother’. De Doemberg met het vuur is als een vulva van de aarde, waarin de ring is gesmeed en waarin de ring weer moet worden teruggeworpen. Als we deze symboliek volgen dan kunnen we concluderen dat iedere man de tocht moet maken naar zijn oorsprong; zijn geboorte uit de moeder. Hij moet loskomen uit haar macht door de macht aan haar terug te geven. De strijd tussen de man en de moeder, of tussen het mannelijke en het vrouwelijke komt daarmee ten einde.
Als we de metafoor volgen van de ring als het vrouwelijke aspect dat moet worden teruggeworpen in de mond van moeder aarde, dan krijgen we een interessant beeld van het hoofdthema van het verhaal. Het is de taak van mannen om goed met het vrouwelijke om te gaan. Sommigen misbruiken haar, zoals Sauron en de negen ringvorsten, die de ring gebruiken voor hun eigen machtswaanzin. Anderen eren het vrouwelijke, zoals Frodo, Gandalf, Aragorn en Tom Bombadil. Anderen worden erdoor verleid maar verliezen hun eigen integriteit, zoals Saruman en Boromir. Faramir kan de verleiding weerstaan en laat de ringdrager zijn weg vervolgen.
De mannen waarop de ring nauwelijks invloed schijnt te hebben zijn de mannen die een vrouw dienen; het zijn Tom Bombadil, Celeborn, de partner van Galadriel, en Aragorn, die zijn hart aan Arwen verpand heeft. Als we het verhaal in dit licht bezien is het geen wonder dat er bijna louter mannelijke personages in het verhaal voorkomen; het gaat voor ieder van hen om de symbolische worsteling met het vrouwelijke, met haar schoonheid en helende krachten (de andere ringen) maar ook met haar donkere kant van macht en vernietiging.
In het verhaal van Lord of the Rings krijgen we een indruk wat er gebeurt als het vrouwelijke - de ring - onder de invloed is van Sauron, de macht van het Kwaad. We zien hoe het vrouwelijke wordt onderdrukt en misbruikt. In zekere zin herkennen we hierin de positie van het vrouwelijke ten tijde van het patriarchaat; het vrouwelijke wordt misbruikt en misvormd door mannelijk leiderschap dat niet in verbinding staat met de liefde, maar gericht is op macht. De aarde wordt verwoest, de natuur onteerd, de mensen worden slaven en de wereld gaat een zekere ondergang tegemoet. De kracht van de ring wordt gebruikt om mensen te beheersen en hun geest te manipuleren.
De uiteindelijke keuze die de held moet maken is de keuze tussen goed en kwaad, tussen macht en liefde, tussen waarheid en bedrog. In Lord of the Rings wordt deze keuze verbeeldt door de strijd tussen Gandalf en Saruman, tussen Sauron en Aragorn, en tussen Gollem en Frodo. Beide kanten zijn in ieder van ons aanwezig. De strijd die de held voert gaat over de keuze tussen deze beide kanten van de ziel.
Het
gebruik van de ring
Als we terugkeren naar het begin van ons verhaal en kijken naar het fenomeen oorlog dan valt als eerste op dat oorlogen voornamelijk mannenaangelegenheden zijn. De uiterlijke oorlog weerspiegelt iets van de oorlog die zich in de mannelijke ziel afspeelt. Het is zijn strijd om los te komen van de almacht van de moeder die hem zijn leven heeft gegeven en in plaats daarvan de eigen macht te ervaren. Het gevaar daarbij is dat we die macht gaan misbruiken. We moeten de ring teruggooien in de berg waar-ie gecreëerd is; in het vuur van onze eigen ziel. Dit is de grootste uitdaging van het hele verhaal: Zodra we het kwaad buiten ons projecteren - in een andere persoon, een ander land, een ander volk, een andere religie - bezwijken we voor de macht van de ring en komen we zelf in de greep van het kwaad. Het grote gevaar van mythen en religies is dat we de verhalen buiten onszelf plaatsen. Dat wil zeggen; we projecteren de archetypen van goed en kwaad, van God en de duivel, van zondeval en verlossing op personen en situaties om ons heen. De buurman wordt opeens de duivel. De geliefde wordt de verlosser. De Islam wordt het kwaad. Een recessie wordt het einde der tijden. Door onze projecties terug te nemen overstijgen we de dualiteit. De wereld is een deel van ons en wij zijn medescheppers door onze gedachten.
Maar de ring is verleidelijk, vooral in tijden van chaos en crisis, en niemand wil graag de moeilijke tocht naar zijn eigen Doemberg afleggen. Veelal zijn we geneigd de macht - de ring - te gebruiken en daarmee ten strijde te trekken. Het enige wat ons kan bevrijden is de ring van macht los te laten en het leven te accepteren zoals het is.
De weg gaat verder
Als Frodo uiteindelijk terugkeert naar de Gouw treft hij het hobbitland in grote ellende aan. De vervuiling, het geweld en de onderdrukking hebben grootse vormen aangenomen. Maar met de komst van Frodo, Sam, Merijn en Pepijn, symbool voor het nieuwe bewustzijn, verandert het land. Er wordt weer orde geschapen in de chaos, er komt harmonie waar conflict en strijd was en langzaam komt het land weer tot bloei. In plaats van dat ons leven geregeerd wordt door het ego - gedreven door de wonden van angst, woede, gekwetstheid en jaloezie - wordt ons leven opnieuw geleid door het Zelf.
De Gouw wordt weer als vanouds een plek waar de hobbits genieten, eten, drinken en lachen. Maar een aantal dingen zijn echter voorgoed verdwenen. De elfen vertrekken naar de Grijze Havens; hun tijd is voorbij en de tijd van de mensen breekt aan. Elrond, Galadriel, Gandalf en het elfenvolk verdwijnen per boot en de ringdragers Bilbo en Frodo vergezellen hen. Terwijl Frodo zijn land achter zich laat, neuriet hij zachtjes het lied van de ziel;
‘De weg gaat verder, eindeloos
vanaf de deur waar hij begon
Ik moet hem volgen, rusteloos,
tot ver achter de horizon,
Met rappe voeten tot hij aan
een grotere weg raakt in het verschiet,
Kruispunt van komen en gaan,
En waarheen dan? Ik weet het niet’.
Ton van der Kroon is schrijver en publiceerde ‘De
Terugkeer van de koning; het boek voor mannen over liefde, lust en leiderschap’. (Ankh Hermes, 1997, 3e
druk) Zijn nieuwe boek kwam onlangs uit met als titel: ‘De Mystieke Roos,
relaties en sexualiteit als een weg naar God.” (Ank Hermes, 2003)
Een versie van dit artikel verscheen eerder in het
tijdschrift BRES.
Literatuur:
Emma Jung, Marie Louise von Franz,The Grail Legend.
Ton van der Kroon, De Terugkeer van de koning, Het boek voor mannen over liefde, lust en leiderschap. Ankh Hermes, 1996.
Ton van der Kroon, De Mystieke roos, relaties en sexualiteit als een weg naar God, Ankh Hermes, 2003
Mellie Uyldert, Symboliek van In de Ban van de Ring. Ankh Hermes, 1974.
hoi ton ook ik zie als iemand die van elfen houdt maar weet dat het de wereld is die gewoon het even beeld is als de aarde en we het bijna als een toneel stuk na spelen als we het goed bekijken we zien het als 1 groot toneel spel we spelen alles na maar eigenlijk zijn het grote lessen die we van het leven zelf krijgen
heb je boek al gelezen en bijna amper weg kunnen krijgen schrijf je nog een aparte mail over francien
Geplaatst door: francien | 03/22/2011 om 11:13 nm