verschenen in Happinez
Miljoenen lezers hebben onlangs De Da Vinci Code verslonden, de thriller waarin het geheim van Maria Magdalena en het belang van het vrouwelijke principe wordt onthuld. Maar we zijn niet de eersten die het vrouwelijke aspect van de kerk weer een plek geven. Zo’n duizend jaar geleden gingen de Katharen eveneens op zoek naar een andere, meer persoonlijke en innerlijke manier van spiritualiteit. Ook zij lieten zich o.a. leiden door Maria Magdalena... Wie waren deze Katharen, van wie ons woord ketters komt? Wat deden ze en waar geloofden ze in? Waarom werden ze uitgeroeid door de roomse kerk? Waarom werd de Montsegur de Graalbrucht genoemd, en welke rol had Maria Magdalena?
En waarom trekken steeds meer mensen heden ten dage naar Zuid Frankrijk om zich te verdiepen in deze middeleeuwse mystieke monniken?
Ton van der Kroon reist al meer dan tien jaar naar het gebied van de Katharen, organiseert Katharentochten en sinds enkele jaren is hij betrokken bij het Maria Magdalena Festival. Voor zijn boek ‘De Mystieke Roos, relaties en seksualiteit als een weg naar God’ liet hij zich inspireren door de Katharen. Voor Happinez schrijft hij over de achtergrond van deze mystieke monniken, die leefden in de elfde en twaalfde eeuw.
De Katharen komen terug!
Op 16 maart 1244 lopen vroeg in de ochtend zo’n 200 mannen, vrouwen en kinderen de berg de Montsegur af, hand in hand. Na een jaar te hebben standgehouden op deze onneembare vesting zijn ze tot overgave gedwongen: of het dorp wordt uitgeroeid of de Katharen moeten zich overgeven. Onderaan de berg staat een grote brandstapel te wachten, omheind door een houten palissade. Biddend en zingend springen ze in het vuur en worden verteerd door de vlammen. De inquisitie kijkt tevreden toe; de laatste ketters van Zuid Frankrijk zijn verslagen. Wat ze niet weten is dat de nacht ervoor vier Katharen met een schat zijn ontsnapt. Terwijl het vuur brandt roept een troubadour die staat te kijken: ‘Over 700 jaar zal de laurier weer bloeien...”
700 jaar later vinden er twee wonderlijke gebeurtenissen plaats: Terwijl de tweede wereldoorlog bijna is uitgewoed komen aan de voet van de Montsegur een drietal mannen bij elkaar en steken het heilige vuur weer aan. De kennis van de laurier, die symbool staat voor de esoterische kennis die via de Essenen, de Manicheeërs via de Katharen, de Tempeliers en later de Rozenkruizers en Vrijmetselaars onze tijd bereikt wordt weer in ere hersteld. Niet lang daarvoor vindt in Egypte een andere merkwaardige gebeurtenis plaats; bij Nag Hammadi worden delen gevonden van het evangelie van Maria Magdalena. Het is een van de apocriefe evangeliën die niet in de Bijbel zijn opgenomen en gedurende 2000 jaar vergeten zijn geweest. Beide gebeurtenissen hebben met elkaar verband, maar het duurt nog zo’n vijftig jaar voordat de volle omvang van het mysterie aan het licht komt.
Terug naar de eenvoud
Terwijl de kerk in de middeleeuwen een steeds grotere macht krijgt, kloosters als paddestoelen uit de grond springen en de pracht en praal van het Vaticaan toeneemt, is er een monnikenorde die weer terug wil keren naar de eenvoud van het vroege Christendom. Ze noemen zich Katharen, wat afstamt van het woord Catharoi, wat zuiveren betekent. Ze leven volgens eenvoudige principes, trekken van dorp naar dorp en moeten een strenge discipline en inwijding ondergaan voordat ze de staat van ‘parfaites’ hebben bereikt. Het gaat bij de Katharen om ‘endura’; het volharden in een leven in dienst van de ziel. Daarvoor moeten ze zichzelf reinigen van de schaduwkanten die in ieder mens leven, zoals negativiteit, hebzucht, egoïsme, lust en angst. Door diepgaand zelfonderzoek komen ze in contact met het goddelijke.
De Katharen staan een innerlijke weg van loutering en zuivering voor, waarbij het aardse lichaam wordt afgelegd en het hemelse lichaam wordt opgebouwd. Ze zien de gewone wereld als een wereld van illusies waarvan je je dient te bevrijden door innerlijk onderzoek. Ze zweren het wereldse af, niet om het te verketteren maar om het te ontstijgen. ‘In de wereld, maar niet ván de wereld’ is hun adagium. Aan het eind van hun opleiding krijgen ze het ‘consolamentum’; een soort bezegeling van de keus dat ze voortaan hun hele leven leiden in dienst van de ziel.
De katharen zorgen ervoor dat de Langedoc, of Occitanie (van het Franse woord Oc, dat ja betekent) een bloeiend gebied wordt. Er is een rijke cultuur, met invloeden van de Islam, en veel interesse voor muziek, dans, dichtkunst en literatuur. Door de eerste kruistochten in 1096 naar Palestina komen er allerlei invloeden van de Arabische cultuur naar het westen. Kennis van architectuur, heilige geometrie, het brandschilderen van ramen, maar ook oude geschriften uit de bijbel en hermetische teksten van oudere datum worden meegenomen van de strooptochten naar het Heilige land. Zuid-Frankrijk is een smeltkroes van kennis en culturen; troubadours bezingen de l’Art d’amour in vele liefdesgedichten, de Katharen zijn kind aan huis bij de edelen en graven van het land, en trekken rond van dorp naar dorp, predikend en genezend.
De Kruistocht tegen de Katharen
Het zuiden van Frankrijk bloeit, maar het Vaticaan begint zich steeds meer zorgen te maken. Een aantal concilies volgen, o.a. in 1119 in Toulouse, waarbij de kerk en de Katharen elkaar in de haren vliegen. Was Christus nu wel of niet de zoon van God, of gewoon een profeet? De Katharen staan met hun innerlijke, esoterische weg naar God lijnrecht tegenover de exoterische benadering van de roomse kerk, waarin het gaat om een uiterlijk godsbeeld met regels en wetten. De innerlijke weg naar God is de kerk een doorn in het oog. De kerk wil absolute gehoorzaamheid aan de bijbel en aan de paus.
In 1120 brandt de basiliek van Vezelay af, met 1200 pelgrims erin die op weg waren naar Santiago de Compostella. Het is 21 juli, aan de vooravond van de naamsdag van Maria Magdalena. Het lijkt het begin van een pijnlijke religieuze strijd, die de westerse geschiedenis zal bepalen. In de 100 jaar die volgen neemt de strijd neemt serieuzere vormen aan. Uiteindelijk besluit het Vaticaan het leger van de inquisitie naar zuid Frankrijk te sturen om de Katharen voor eens en voor altijd het zwijgen op te leggen. De kruistocht vangt aan bij de stad Beziers, waar zich een aantal Katharen onder de bevolking bevinden. Het is 22 juli, opnieuw op de naamsdag van Maria Magdalena, waarop het leger ingrijpt. De stad wordt gevraagd de monniken uit te leveren, maar de stedelingen weigeren. Simon de Monfort, de aanvoerder van de Inquisitie beveelt de hele stad uit te moorden. “Ook de vrouwen en kinderen?”, vragen de soldaten vertwijfelt. “Ook hen. God zal de zijnen herkennen...” Een dag en nacht later drijft het bloed kniehoog door de straten van Beziers. De laatste bewoners zijn gevlucht voor het geweld naar de kerk van Maria Magdalena, maar ook daar vindt een slachtpartij plaats.
Vanaf dat moment trekt het leger moordend door het zuid Franse land in wat later wordt genoemd de Albigenzer kruistocht. Dorpen worden geplunderd en de bevolking wordt soms vooruitgestuurd naar het volgende dorp, met afgesneden neuzen en uitgestoken ogen om de komst van de inquisiteurs aan te kondigen.
De laatste burcht die valt is de Montsegur, de inwijdingsburcht van de Katharen. Sommige Katharen vluchten via de ‘route des Bonshommes’ naar Spanje, anderen vluchten via de Provence naar Italië waar ze zich vestigen in Florence. (en jawel, niet veel later in de geschiedenis pakt Leonardo da Vinci de draad weer op en creeërt zijn eigen Da Vinci Code in zijn verwijzingen naar het vrouwelijke principe...)
De cultuur van Occitanie is verloren en zuid Frankrijk wordt een arm gebied, overheerst door het sterkere noorden, geregeerd vanuit Parijs.
De Katharen worden vergeten en alles wat rest zijn een aantal ruïnes en kastelen die herinneren aan een illuster verleden. Aangezien de Katharen weinig tot niets op papier hebben achtergelaten is het meeste van hun kennis en traditie tot ons gekomen via de inquisitie. Deze legde nauwkeurig alles vast wat ze tegenkwamen in de verhoren van de monniken en de dorpelingen. Zo hebben we een zeer gedetailleerd beeld gekregen van bijvoorbeeld het dorpje Montaillou, dat zich iets ten zuidoosten van de Montsegur bevindt, langs de route naar Spanje.
Maar terwijl de historische kennis over de Katharen tekort schiet, bloeien de mythen en legenden welig.
Maria Magdalena
Een van de opmerkelijke dingen van de Katharen is dat ze mannen en vrouwen als gelijken zagen, bonshommes en bonsfemmes. Ze eerden het vrouwelijke principe, de Graal, het principe van creativiteit, heling en genezing. Maar de Graal bleek ook nog voor iets anders te staan. De beker van het laatste avondmaal, waarin het bloed van Christus was opgevangen toen hij aan het kruis hing, werd ook wel de San Greaal genoemd. Als we de letter G opschuiven verandert het woord in Sang Reaal, oftewel het ‘koninklijke bloed’. In de Middeleeuwen was men er de overtuiging toegedaan dat de koninklijke bloedlijn die via David bij Jezus was terecht gekomen niet was uitgestorven, maar voortleefde. Maria Magdalena werd gezien als de ‘partner van Christus’, zoals in het evangelie van Phillipus staat. Na de kruisiging van Jezus vlucht ze naar Alexandrië en vandaar gaat ze per boot naar Zuid Frankrijk, samen met nog twee Maria’s, Joseph van Arimethea en een jong meisje dat Sarah heet. Ze komt aan in een klein dorpje aan de kust, wat tegenwoordig Saintes Maries de la Mer heet -de Maria’s uit de zee. Ieder jaar op 24 mei trekken alle zigeuners van Europa naar dit dorpje om de heilige Sarah te eren; Kan het zijn dat zij het kind was van Maria Magdalena en Jezus? We weten het niet, maar wat we wel weten is dat de kerk er alles aan heeft gedaan om de ware gedaante van Maria Magdalena onder het vloerkleed te schuiven. In de derde eeuw na Christus, tijdens het concilie van Nicea, werd besloten dat Maria Magdalena een gevallen vrouw was, van wie zeven zonden waren uitgedreven, en dat zij een prostituée was. Maar in de oorspronkelijke geschriften is daar niets van terug te vonden. Integendeel, ze wordt ‘de vrouw die het Al kende’ genoemd, en de ‘apostel der apostelen’, oftewel een hoge ingewijde. Het blijkt ook dan al dat de kennis van vrouwen niet bij iedereen geliefd is. Petrus beklaagd zich over het feit dat Jezus het meest met Maria Magdalena bespreekt en dat ze zoveel het woord neemt. Jezus wijst hem terecht en zegt dat zij het meest begrijpt van wat hij te vertellen heeft.
In de tweeduizend jaar die volgen wordt de rol van de vrouw in de kerk, die sterk stoelt op de macht van Petrus, steeds meer ingedamd - ze wordt gezien als de verleidster, de handlangster van de duivel - wat uiteindelijk leidt tot de heksenvervolgingen in de Middeleeuwen.
De Graal wordt vergeten totdat de Katharen haar weer in ere herstellen. De geheime kennis van het vrouwelijke is ondergronds doorgegeven en duikt duizend jaar later weer op. Er worden vele kerken aan ‘Notre dame’ gewijd, en aan Marie Madeleine, oftewel Maria Magdalena. Op een altaar in Foix zien we naast Jezus Maria Magdalena zitten aan het laatste avondmaal.
En wie goed kijkt naar het laatste avondmaal van Leonardo da Vinci zal niet verbaasd zijn naast Jezus een vrouw te zien zitten, die lange tijd per abuis voor Johannes is aangezien. Het heilige huwelijk tussen Jezus en Maria Magdalena, de gnostieke kennis van de graal, en de waarde van het vrouwelijke principe van heling, genezing en creativiteit werden twee millennia lang zorgvuldig verborgen.
Rennes le Chateau
Maar niet alleen door de teksten van de dode zeerollen die bij Qumran zijn gevonden en bij Nag Hammadi blijkt een ander beeld van Maria Magdalena naar voren te komen, ook in het dorpje Rennes le Chateau in het Katharengebied zijn mysterieuze aanwijzingen gevonden die leiden naar de vrouwe van Bethanië, Maria van Magdala. Aan het begin van de 20e eeuw vindt de pastoor van het dorpje een schat onder het altaar van zijn kerk. Niet veel later wordt de kerk, de pastorie en de tuin grondig opgeknapt en niemand weet waar het geld vandaan komt. De pastoor doet er het zwijgen toe, maar laat in zijn kerk allerlei aanwijzingen achter. Boven de ingang van de kerk staat: ‘Lumen est in coelo’ - Het licht is in de hemel. Als we naar de hemel kijken die op de achterwand van de kerk is geschilderd zien we in het licht - het gebrandschilderde raam - een afbeelding van Maria Magdalena die Jezus de voeten wast. Op het altaar is een afbeelding van haar te zien met een schedel bij de grot in Baume, waar ze de laatste jaren van haar leven zou hebben doorgebracht. De verbouwde pastorie heet ‘Huize Bethanië’ en de bibliotheek heet ‘La tour de Magdala’. Het doopvont wordt gedragen door een duivel en verschillende beelden in de kerk hebben wonderlijke afwijkingen van de gebruikelijke kerkelijke versies. Wat wilde de pastoor ons laten weten? In het boek ‘Het heilige Bloed, de heilige Graal’ wordt het mysterie uit de doeken gedaan.
Het blijkt dat de Katharen en later de tempeliers niet voor niets de hoeders van de graal werden genoemd; ze wisten van het verhaal van de afstammingslijn van Christus en Maria Magdalena af, en hielden de traditie in ere. Het vrouwelijke aspect van God, dat veel meer een persoonlijke, innerlijke ervaring behelst in plaats van de wetten en regels van de kerk, werd in het geheim doorgegeven. In de verhalen van Parcival, koning Arthur, de romantische liefdesverhalen, de tarot, maar ook in het hooglied vinden we nog aanwijzingen over de kennis van de Graal. In het hooglied, dat wordt voorgelezen op de naamsdag van Maria Magdalena wordt beschreven hoe een vrouw haar verloren geliefde zoekt, daarmee wellicht doelend op Christus. “Donker van huid ben ik” zegt de vrouw, donker als de huid van Sarah, van de zwarte madonna’s en van Maria van Magdala.
De Katharen komen terug
In deze tijd blijkt de kennis van de Katharen weer volop in de belangstelling te komen. Vele mensen reizen naar Zuid Frankrijk, maken er Katharentochten of gaan er wonen om de geschiedenis te bestuderen en de magie van het land zijn werk te laten doen. Uitgestrekte bossen, meren, oude inwijdingsplaatsen en pittoreske dorpjes zijn het decor voor een herleving van de oude kennis van de Laurier. Zo is er de inwijdingsgrot van Bethlehem bij Usat, het troubadourskasteel van Puivert, het inwijdingslabyrinth van Nebias, de onderaardse rivier bij Fontestorbes, die ieder uur stopt, de zwarte madonna van La Val d’amour etc. etc. In een tijd waarin velen op zoek zijn naar bezieling, bezinning en een hernieuwd contact met het goddelijke komt het aloude beeld van de Graal plotseling weer naar voren.
De laurier bloeit weer...